"De gedachten zijn zo vluchtig dat je je die niet meer
kunt herinneren" , zegt voorzitter Wil Pardon van de Thor-wandelgroep.
"In een groepje worden hele wereldproblemen opgelost, om de tijd te
doden." Pardon was een van de 61 wandelaars die zaterdagmiddag om vier
uur op sportpark Vierhoeven in Roosendaal vertrokken voor de 110 kilometer. Twee
wandelaars gingen daar van start voor de honderd kilometer.
" Sinds we de 110 lopen, is de animo voor de honderd kilometer stukken
minder. Drie jaar geleden besloten we de 110 in de mars op te nemen, voor de
long distance walkers."
De 110 kilometer is aantrekkelijk voor de wandelaars die speciale stempels
verzamelen, die verkrijgbaar zijn bij tochten vanaf 105 kilometer.
Via grofweg Oudenbosch, Zevenbergen, Noordhoek, Stampersgat, Steenbergen, Oud
Vossemeer, Halsteren, Bergen op Zoom en Wouw kwamen ze gisterochtend weer in
Roosendaal aan. Bij Zevenbergen en Steenbergen sloten wandelaars aan voor hun
mars over respectievelijk 80 en 50 kilometer.
Voor een paar wandelaars zijn het de laatste loodjes. De 110 kilometer zit
er bijna op.foto's Peter van trijen/het fotoburo
's Ochtends vertrok een grote groep vanuit Roosendaal richting Wouw om de
langeafstandwandelaars tegemoet te lopen.
De wandeling is vooral 's nachts gelopen, in het donker. "Daarom zetten
we een route uit over voornamelijk asfalt. Oneffenheden op de grond zijn
slecht te zien, zeker als je door het bos zou lopen."
De monstertocht door West-Brabant gaat ieder jaar over dezelfde route,
wegomleidingen daargelaten. Bij marsen als de Bossche Honderd in Den Bosch is
dat anders, daar is ieder jaar een andere route.
Wil Pardon heeft die tocht in januari gelopen. "Daarom weet ik nu dat de
afstand aankan. Zolang de voeten het houden, haal ik het", zegt de
Roosendaler vlak voor de start.
Een specifieke voorbereiding heeft hij dan ook niet getroffen. Na de Bossche
Honderd twee tochtjes van veertig kilometer, het is het onderhouden van de
conditie, meer niet. De langeafstandlopers lachen ook met de Vierdaagse van
Nijmegen, waar vaak met veel heroïek over wordt gesproken.
"Dat stelt niet zo veel voor, piece of cake. 'Nijmegen' is veel meer de
happening. De geoefende wandelaars vertrekken daar om vier uur 's nachts en
zijn 's morgens rond elf uur binnen. Vier dagen achtereen vijftig kilometer,
daar hoeft niet voor getraind te worden" , lacht Pardon.
De Nachtmars door de Zuidwesthoek verliep goed. De organisatie kreeg
complimenten voor de verzorging en voor het goede 'pijlen'. De duidelijke
aanwijzingen met kalk op de weg voorkomen verkeerd lopen. De honderd
vrijwilligers namen de complimenten met plezier in ontvangst.
Zoals van recordhouder Mart Douven uit het Limburgse Ospel. Hij liep zijn 105e
Kennedymars van tachtig kilometer. Niemand in Nederland heeft er meer gelopen.
De grootste groep ging zaterdag op stap voor de tachtig kilometer, oftewel de
Kennedymars.
"Het is verslavend. We hebben elkaar een half jaar niet gezien en hier
komen we elkaar allemaal weer tegen. Dit was wel een van de zwaarste. Ik zat
niet lekker in mijn vel, volgens mij zit er een griepje dwars."
Douven geniet ieder jaar als de wandelaars over de brug naar het eiland Tholen
lopen. "Dat maakt deze mars speciaal. Plus de lange stukken vlak na het
ontbijt. Die zijn vermoeiend, maar omdat je naar het licht loopt is het goed
te doen."
Wim Bansma uit Hilversum liep zijn 52e tocht. "Die lange stukken maken
het langdradig, verder ging het prima" , zegt hij na binnenkomst.
"Het nadeel is wel dat je van de kantine terug naar de parkeerplaats moet
strompelen. Dan ben je binnen, heb je even gezeten, iets gedronken, wat soep
en een paar broodjes gegeten en dan moet je weer terug naar de auto lopen. Dat
valt dan niet mee."
Mart Douven uit Limburg is met 105
Kennedymarsen recordhouder.
Recordhouder Mart Douven heeft dat probleem opgelost. "Ik word met een
busje naar het station van Roosendaal gebracht. Na zo'n veertien uur lopen,
stap ik de auto niet in, veel te gevaarlijk. Zeker als je alleen in de auto
zit en net als ik een heel stuk terug naar Limburg moet rijden. Je zou in
slaap vallen." Voorzitter Wil Pardon komt kort na 10.00 uur binnen,
vooraf had hij dat zo ingeschat. Hij feliciteert de anderen die al binnen
zijn, neemt op zijn beurt felicitaties in ontvangst en bestelt een trappist.
"Ik ben te hard vertrokken en liep 7,4 kilometer per uur, dat breekt je
later op. Als ze te hard gaan, kun je ze beter laten lopen. Bij een rustpunt
vertrok een groepje twee minuten voor mij. Ik heb er acht kilometer over
gedaan om ze in te halen."
Roosendaler Wil Pardon heeft zich bij de verzorgingspost in Steenbergen laten
verzorgen aan een blaar.
"Die irriteerde. Doordat de blaar is doorgeprikt en er een goede pleister
op is geplakt, kon ik zonder problemen de Nachtmars uitlopen."
De regen die op het einde van de mars neerdaalde, heeft geen invloed gehad op
de lopers; een kwestie van goede kleding en schoeisel dragen en niet flauw
zijn.
"Ik heb eens meegemaakt dat we zestig kilometer in stromende regen
moesten lopen, dan stelt zo'n buitjes niks voor", zegt Douven. Hij loopt
alleen Kennedymarsen van tachtig kilometer.
" De 110 loop ik nooit, want dan mis ik een stempel voor de tachtig
kilometer, daar heb ik mijn zinnen op gezet. Ik wil er zo veel mogelijk
halen."