110
km wandelen bij de Noorderburen.
‘De Pompoenstappers en RWV’ers uit Kasterlee’
Vrijdag
28 januari werd vanuit Den Bosch de 18de Bossche 100 ultrawandeltocht
gestapt, een non stop wandeltocht van 100 of 110 kilometer. Er zijn drie caférusten,
waar men telkens een bijkomende lus van ongeveer drie kilometer kan wandelen. Zo
kun je dus zelf bepalen welke afstand je kiest. Bij deze caférusten ben je
verplicht om terug te vertrekken op een vastgesteld uur. Je hebt de keuze om wat
langer te blijven zitten of de lussen af te werken, en zo aan de 110 km. te
geraken. Wij kozen voor de extra lussen.
Wij zijn: Jos Van Gorp, Jozef Blockx en Rudy Schoors van De Pompoenstappers en
Jos Van Gorp, de alombekende langeafstandswandelaar uit Kasterlee. Laatste drie
genoemden blijven bijna de ganse tocht samen. Ook Ronald Van Meensel zal geruime
tijd in ons gezelschap vertoeven.
De start
van deze wandeltocht is ’s avonds om tien uur in Den Bosch en wordt
aangezien als de zwaarste van Nederland. Elk jaar stippelen de inrichters een
nieuw parcours uit. Dit jaar zal een groot deel van de route door het Land van
Heusden en Altena gaan. De gehele route stapt men zoveel mogelijk over
onverharde paden: vooral fiets- en wandelpaden.
Er
startten 108 deelnemers. Er is een limiet van 110 starters en twee late
afzeggingen zorgen ervoor dat deze plaatsen niet meer kunnen opgevuld worden.
Buiten een overgrote meerderheid Nederlanders zijn er ook 15 Belgen, 1 Zwitser,
1 Deen en een vrouw van het Isle of Man. Slechts vier deelnemers halen de finish
niet.
Gedurende
deze tocht hebben we een uurtje motregen gehad in het begin en daarna bleef het
bewolkt tot mistig bij lichte vriestemperaturen en later op de dag even boven
het vriespunt. Ideaal wandelweer dus. Het mocht wel eens na de laatste 100 km
tochten van het voorbije jaar!.jpg)
Om het
centrum van ’s Hertogenbosch uit te geraken, wandelen we naast een vervallen
spoorlijn, wat industrieterreinen en enkele grote wegen. Nadien duiken we de
velden in, om langs de Ertveldplas de boten te aanschouwen van de mensen die
hier permanent verblijven. Nederland is niet voor niets het land van plassen en
kanalen. De paden en veldwegen liggen er behoorlijk modderig bij. Toch valt het
allemaal best mee. Bij regenweer zou het nog veel slechter
geweest zijn. Er zijn
nochtans stukken bij geweest waar men over omgeploegde akkers wandelde en je
schoenen tweemaal zo zwaar wogen en tweemaal zo groot leken. Zoals men vooraf
had gesteld bleek 60 ŕ 70% van de af te leggen weg onverhard te zijn.
Na 30 km
wandelen bereik je de brug bij Heusden die je over de Maas brengt. Men wandelt
het Land van Heusden en Altena binnen. Via een dijk, waar men over prikkeldraad
en hekken dient te klauteren, kom je bij de eerste caférust aan: ’t Dorpshuis
te Genderen. We wandelen onze eerste lus. In het buurthuis, dat door vrijwillige
uitbaters wordt gerund, staat een uitgebreid buffet op de
hongerige
wandelaars te wachten. Het eten smaakt er
heerlijk. Alvorens deze eerste rustpost te bereiken hadden we drie wagenrusten
gehad. Ook hier was de verzorging optimaal. Je had er keuze uit verschillende
kleine snacks en allerlei warme dranken. Je kon duidelijk merken dat deze mensen
ervaren waren in het bevoorraden van de langeafstandswandelaar en duidelijk
wisten aan welke noden er moesten voorzien worden. Sommige organisaties kunnen
hier positieve ervaringen opdoen voor hun eigen tochten!
Na
veertig minuten rust vertrekken we richting Pompveld, naar Giessen en daar via
het Fort Giessen, door het Almbos naar Uitwijk, vanwaar er over nieuw aangelegde
fiets- en wandelpaden naar Almkerk werd gewandeld. In Almkerk wandelen we de
tweede lus en krijgen wat rust in het Wapen va
n
Emmickhoven. De eerste stappers zijn reeds vertrokken.
Op weg
naar Almkerk hebben we wat tijd verloren. In een natuurgebied hadden de
voorlopers een afslag gemist en de hele meute was gevolgd. Gevolg: een lang stuk
teveel gestapt en terug dus. Tijdens de lus ook wat getreuzeld en hierdoor werd
het tijdsschema wat strakker. No worries!
Vanuit
Almkerk
stappen
we langs lange wegen door het polderland, naar de Bergse Maas. Over de dijk van
deze rivier dient er wederom over enkele hekken geklommen te worden. Er is
echter één slimme in het gezelschap die tot de conclusie komt dat je de deuren
ook gewoon kan opendraaien. De zware ondergrond van de weiden begint stilaan
door t
e
wegen. Via Dussen en Loswal komen we bij de pont van Drongelen aan. Het veerpont
brengt je naar de andere kant van de rivier
(wandelen op het water bestaat dus echt?!). Hier verlaat men het Land van
Heusden en Altena. Vanaf dit punt dienen er nog 33 km te worden gewandeld. Het
kort af. Er staat echter nog een verrassing te wachten voor de nieuweling in het
groepje. De ervaren stappers
wisten wat er nog te wachten stond op de rout
e:
de Loonse en Drunense duinen. Hier moet men gedurende een uurtje over de duinen
en duinenruggen stappen. Een zware klus naar het einde van de tocht toe. Het
mulle zand kruipt in je schoenen en je benen worden loodzwaar. Niet voor de Jos
uit de Berkenlaan echter: hij stapt over het duinenzand alsof het een mooi
verhard weggetje is. De twee veertigers (of toch bijna), moeten alles uit hun
lijf halen om te kunnen volgen……
Bij de
laatste caférust: de Drie Linden te
Giersbergen, lopen we het laatste lusje van de tocht. Wanneer we terug aankomen
zien we Jos Van Gorp, Mark Van De Voorde en Patrick Krols juist vertrekken.
We eten
en drinken wat, en na een vijftiental minuten vatten we de laatste 17 km aan.
Het einde van deze wandeling gaat vooral doorheen bossen en het recreatiepark
‘IJzeren Man’. We passeren de laatste twee wagenrusten en feliciteren de
medewerkers voor hun voortreffelijke werk. Ook de bepijling was van een hoog
niveau. Een pluim voor de hele organisatie trouwens! 
Om
16.05h stappen we het sportpark van CHC/Orka binnen, het einde van de wandeling.
We nemen een welverdiende douche in de kleedkamers van de plaatselijke
voetbalploeg en zakken af naar de kantine waar de nodige afstempelingen en
papierwerken worden verricht. Ook vindt hier de uitreiking plaats van het
ultieme doel van deze tocht: de Bossche Bol. Een overheerlijk gebak gevuld met
pudding en room met een chocoladelaag omhuld! Samen met een Hollands biertje,
met de nadruk op ‘tje’, is dit even nagenieten van de zeer mooie en zware
tocht. De Jef start zijn bus en veilig brengt hij ons naar Kasterlee, de
thuishaven van De Pompoenstappers.
Van en
voor de wandelaar(s),
Rudy.