10e BOSSCHE 100

24 - 25 JANUARI 1997

Vroeger…

"Ut goat deur", om maar eens met Henk Kroes te spreken. 96 mensen waagden zich vrijdagavond 24 januari om 22.00 uur aan de tiende Bossche Honderd, de tocht der tochten. Er was een tijd dat men, zoals Wil Vervoort eens terecht opmerkte, voor de gehele routebeschrijving kon volstaan met ‘lang modderig pad volgen’. Met droog en redelijk warm weer achter de rug en in het vooruitzicht leek het er echter op dat het dit jaar een eitje zou worden.

Niets bleek minder waar toen we ’s-Hertogenbosch uitliepen. De soms zeer dichte mist en verraderlijke gladheid speelden iedereen al snel parten. Binnen tien kilometer waren al vele wandelaars verkeerd gelopen door het slechte zicht. Ook had ik al in het eerste, donkere bospad waar we doorheen liepen proefondervindelijk vastgesteld dat de lichtere plekken op de grond halfbevroren plassen waren. Gelukkig waren mijn schoenen waterdicht. Op de rust na 30 kilometer in Heeswijk-Dinther, waar ze trouwens afgrijselijke en veel te harde muziek draaiden, werd de omvang van het mistprobleem pas echt duidelijk. Bijna iedereen was wel een keer verkeerd gelopen en twee deelnemers waren zelfs geheel zoek. Toch was de rest nog vrij fit en opgewekt.

Zo’n 30 kilometer later op de rust in Nistelrode was dat wel wat anders. Wederom was er een aantal deelnemers een kant opgelopen waar ze helemaal niet heen moesten. Ook het zware terrein en de gladheid begon ons nu parten te spelen in de vorm van spierpijn (door je onnatuurlijke loophouding op de gladde wegen). Vanaf Nistelrode was het gelukkig weer licht en dus liep er (tot vlak voor de finish) niemand meer verkeerd. We konden op deze laatste 40 kilometer dus volop genieten van alweer een rust in Heeswijk (dit na 80 kilometer), van de Bedafsche Bergen (een heleboel stuifzandheuvels, die we allemaal moesten beklimmen), van landgoed De Wamberg en van andere nog onontwikkelde landbouwgebieden (lees: Brabant) voordat we door de binnenstad van de Brabantse hoofdstad terugliepen naar het startbureau.

De organisatie en verzorging waren zeer goed en lieten ons, de 24 Belgen en de zes Britten onderweg kennismaken met de traditionele boerenkool met worst (zo rond vijf uur ’s ochtends) en aan de finish met de chocolade bol als beloning. Gelukkig heeft de organisatie toch niet kunnen voorkomen dat het weer een behoorlijk zwaar tochtje werd. En zo hoort het ook: de vorige jaren kregen we de Bossche bol immers ook niet cadeau. Verder wil ik nog even opmerken dat je geen zinnig woord uit de leden van Hart van Brabant kunt krijgen (hoe hard je ook probeert), dat het zaterdagmiddag vlak voor de finish toch wel erg warm werd, dat de 40 kilometer van de R.W.V. op zondag erg mooi was en dat ze lieve schaapjes hebben bij de Pendrechtse molen (het beestje liet zich braaf met mijn vader op de foto zetten).

Nog even over de Bossche Honderd: de chocolade bol die je na afloop krijgt, bleek dit jaar uit een flutzaakje te komen en niet van bakkerij Jan de Groot (aan de stationsweg in ’s-Hertogenbosch), waar ze de echte bollen maken. "Zie je wel", dacht ik toen, " vroeger was toch alles beter".